Werkconferentie Financieringsvraagstukken - 15 maart 2013

Bundeling projecten stimuleert investeringen duurzame energie

Kapitaal is er in Nederland genoeg om projecten voor duurzame energie mee te financieren. Probleem is eerder dat het aanbod van projecten qua schaalgrootte niet rendabel genoeg is om in te investeren. Bundeling van projecten en de oprichting van een investeringsbank voor duurzame energie kunnen bij banken, pensioenfondsen en burgers de gezamenlijke bereidheid tot investeren aanwakkeren.

Deze suggesties kwamen aan de orde tijdens de tweede werkconferentie van de SER over een Energieakkoord voor duurzame groei, die ditmaal in het teken stond van de financiering van projecten voor hernieuwbare energie. Als origineel en geslaagd voorbeeld van financiering werd crowdfunding door De Windcentrale genoemd. In dit project bestaat de mogelijkheid om van een turbine in Delfzijl 'winddelen' van 500 kWh per deel te kopen. Daarmee kunnen mensen tegen een gunstige prijs stroom produceren voor eigen gebruik. Energiebedrijf Greenchoice werkt als transporteur en levert de stroom aan de deelnemer.

'Er zijn nu 5500 deelnemers, iedereen kan instappen, alhoewel er wel een wachtlijst is voor de volgende turbines’, zegt Niels Korthals Altes, bedenker van De Windcentrale. Korthals Altes pleit ook voor meer regie bij gemeenten om de vergunningverlening voor windparken te versnellen. 'Omdat besluitvorming nu erg lang duurt, raken projectontwikkelaars en burgers onzeker over het nut van investeren. Regie van gemeenten kan het proces versnellen en risico’s reduceren.

Volgens Itske Lulof (Triodos Bank), voorzitter van het Groenberaad van de gezamenlijke Nederlandse banken, is geld niet de bottleneck in de financiering. 'Kapitaal is er voldoende, maar er komen te weinig financierbare projecten met een gedegen businessplan op de markt. Triodos zou 200 tot 300 miljoen kunnen investeren. Maar banken zijn gebonden aan regels en kunnen niet zomaar investeren in risicovolle projecten. Als projecten groter worden, boven de 50 tot 100 miljoen, neemt de animo van banken en pensioenfondsen toe om samen aan langjarige risicospreiding te doen.'

Lulof lanceert het idee voor een 'wortel-stok' constructie. 'De wortel is dat je vanuit een groenfonds een lagere rente betaalt op je lening. De stok kan een verplichting zijn om besparingen die je uit je investeringen terugverdient, zoals een lager energieverbruik, om te zetten in een A-energielabel.'

Dat met duurzaam vastgoed een goed rendement is te behalen, bevestigt ook Eloy Lindeijer, fondsmanager bij pensioenfonds PGGM. 'Woningen waarin wij beleggen hebben een A-label en dalen daardoor minder in waarde. Toch investeert PGGM nu vooral in groene initiatieven in Duitsland en Engeland. Lindeijer: 'Onze portfolio infrastructuur bedraagt nu 2 miljard, maar we willen doorgroeien naar 6 miljard. Dat hiervan een aanzienlijk deel naar Nederland gaat, is alleszins mogelijk. Wat daarbij helpt is meer stabiliteit in beleid, want onzekerheid in bijvoorbeeld de subsidieregeling SDE (Stimulering Duurzame Energie) is een barrière voor financiers.'

Bundeling van energieprojecten naar een omvang die financiers over de streep trekt, zou volgens Lindeijer, een taak kunnen zijn van een speciale investeringsbank. 'Een soort groene energiebank, een lead investor, naar voorbeeld van BNG Bank voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. '